Alleen kun je veel, samen kun je alles.

Home » Bewoners verhalen » Tineke Wesselink

Tineke Wesselink

Apeldoorn Zuid

Herinneringen aan een wijk in aanbouw.

 

Begin jaren ‘50 zwierf ik als kleuter door Apeldoorn Zuid. Ik woonde in de Beethovenlaan en overal om ons heen werd gebouwd. Nederland herrees uit de puinhopen en met man en macht probeerde men te voldoen aan de grote vraag naar woningen.

Ook werd er een nieuwe school gebouwd, de Juliana van Stolberg school, maar omdat er nog een tekort was aan van alles, waren er geen stoeltjes en tafeltjes en moesten wij gewoon op de grond zitten.

Speelgoed was er ook niet al te veel en we deden met z’n vieren een puzzeltje.

Dat vond ik maar niks. Thuis had ik alle speelgoed voor mijzelf en was ik niet gewend om met andere kinderen speelgoed te delen. Ik was nog enig kind.

Buiten spelen met al die kinderen om me heen vond ik ook al moeilijk en omdat er geen muren of hekken om het schoolplein waren was het niet zo moeilijk om stilletjes te verdwijnen en door al die straten te zwerven waar gebouwd werd. Spannend hoor om al die mannen op steigers bezig te zien. En dat niet alleen, overal lagen hopen zand en stenen en ander bouwmateriaal. Gewoon heerlijk om in te spelen. Soms werd ik weg gestuurd maar in de volgende straat vond ik wel weer wat anders om te spelen. 

Het gebeurde regelmatig dat mijn moeder mij om twaalf uur thuis verwachtte en dat ik dus niet thuis kwam. Dan werd er weer gezocht en gevraagd waar Tineke uithing. Het leverde vaak een paar flinke tikken op. Maar meestal was er wel iemand die me zei dat het tijd werd om naar huis te gaan om te eten.

Op de plaats waar nu de Debussylaan is werd het zand gestort wat bij de bouw was afgegraven. In de zomer waren dat in in onze ogen hoge bergen waar je tunnels in kon graven. Als je geluk had kon je door die tunnels kruipen en als je pech had stortte de boel in en kwam je pikzwart thuis.

In de winter maakten we glijbanen op die bergen en hadden we dolle pret.

Het avontuur kleuterschool was dus van korte duur. Maar na twee jaar wachtte mij de “grote school”. Dit keer werd ik naar de Theo Thijssenschool gestuurd  en daar herhaalde de geschiedenis zich. Als ik naar school liep was er zoveel te spelen onderweg dat ik vaak te laat op school kwam en de deur gesloten vond. Geen nood, ik speelde ergens tot ik weer kinderen op straat zag en dan ging ik ook maar naar huis om te eten.

Het veranderde toen ik een vriendinnetje kreeg dat bij ons in de straat woonde en op dezelfde school ging. Samen naar school en weer naar huis, ik werd een braaf kind.

Van de Theo Thijssenschool kan ik me de namen van de onderwijzeressen nog herinneren, Juffrouw Sjouw en Juffrouw Vos.  Hoofd van de school was meester Eker.

Voor de klas stond een heel grote standaard met plaatjes en woorden. Langzaamaan leerden we dat de woorden bij de plaatjes hoorden en leerden we de woorden lezen. De befaamde leesplank: Aap, noot mies.

Toen ik in de tweede klas zat werd ik naar een andere school gestuurd.

De J.P.Sweelinckschool, een christelijke school.Ik leerde graag en ging dus uiteindelijk ook graag naar school maar wat ik maar niet snapte en heel erg onrechtvaardig vond: Woensdagmiddag waren de jongens vrij en de meisjes kregen handwerkles. Sokken breien, pannelappen haken, kleedjes borduren….. Dat laatste vond ik wel leuk maar haken en breien wilde maar niet lukken.

Hoe vaak heb ik niet met zweterige handen geprobeerd de steken op de naald te houden, onderwijl steeds naar buiten kijken want daar was ik toch liever.

Bij de sprengen bv, wat kon je daar zomers lekker door het koude water lopen en wat was er veel te zien, allerlei beestjes en plantjes die ik nog niet kende.

En al die weilanden, waar het nu volgebouwd is. Apeldoorn hield op bij de Strausslaan en de Oud Beekbergerweg en daarachter kon je de wereld gaan ontdekken.

Maar die wereld stond niet stil. Een wijk in aanbouw dus en zo zag ik de winkels gebouwd worden aan het Schubertplein. Tot mijn grote verrassing werd er achter de winkels een speeltuintje aangelegd. Een aantal jaren geleden was ik daar en zag tot mijn grote verrassing dat de speeltuin er nog steeds is.

Een leuk uitje wat we in die tijd dikwijls hadden was een ritje met de melkboer of de schillenboer. Die kwamen met paard en wagen en als je geluk had mocht je een eindje meerijden, tot de Arnhemseweg want je moest zelf zien thuis te komen en de andere kant van die weg kende ik nog niet.

Dat paard is een keer op hol geslagen. De kar met alle flessen melk, karnemelk, yoghurt en nog veel meer ging omver. De ravage en de schade waren groot.

 

Apeldoorn Zuid… eens een wijk in aanbouw. Nu zijn er woningen en kerken afgebroken die ik heb zien bouwen.

Ik weet het, het is allemaal nostalgie, maar ik zou nog best eens dat kind willen zijn dat door de wijk zwierf.


Tineke op de lagere school.

Tineke met haar broer Anton.

Tineke op haar step in de Beethovenlaan.


Reactie plaatsen

Reacties

Bernhard Regter
een jaar geleden

Heel mooi verwoord en onderhoudend vertelt.Het zou haast mijn verhaal kunnen zijn,maar ik ging wel naar andere scholen. Rietendakschool aan de Zilverweg,Wormseschool en de Finseschool.

Theo Boerkamp
2 jaar geleden

Zo zie je hoe een kort verhaal een kleine levensloop kan worden. erg leuk om te lezen.. dank.